Leidenaren krijgen huurteam

Woon je in Leiden?  Is de huur te hoog of het onderhoud achterstallig? Dan kan je binnenkort bijstand vragen bij een huurteam dankzij de gemeenteraad van Leiden die instemt met het oprichten van een huurteam. Tot het huurteam er is, kan je kosteloos terecht bij Leidse Rechtswinkel.

Bron: Getty Images

Het hebben van een huurteam is handig voor alle huurders van een gemeente, maar Nederlandse gemeenten mogen zelf beslissen of zij een huurteam willen hebben. Huurteams kosten de gemeente geld en worden daarom vooral in grotere gemeenten gevonden zoals in Amsterdam, Den Haag, Hilversum, Naarden,  Nijmegen, Rotterdam, Utrecht en Weesp. Wil je in contact komen met een huurteam uit jouw gemeente? Doe dan navraag bij jouw gemeentehuis. De Woonbond betreurt dat niet elke gemeente een huurteam heeft en roept elke gemeente op om het voorbeeld van Leiden te volgen en huurteams op te zetten en te versterken.

Werkwijze huurteam

Heb je een conflict met je huisbaas? Bespreek dan eerst jouw situatie met het huurteam. Op basis hier hiervan zal het huurteam advies geven hoe verder te gaan. Mogelijk doet het Huurteam inspectie van jouw huurwoning en als nodig spreekt het team namens jou je huisbaas aan. Huurteams kunnen helpen bij:

– Procedures over de hoogte van de kale huur (puntensysteem);
– Procedures over de hoogte van de servicekosten;
– Procedures over gebreken aan de woonruimte;
– Procedures over (het achterwege blijven van) onderhoud, of over de kosten hiervan;
– Procedures over huurverhogingen;
– Procedures over huurbescherming (medehuurderschap, tijdelijke huurcontracten).

Als nodig staat een huurteam je in een procedure bij de Huurcommissie of in een rechtszaak tegen een verhuurder bij.

Huurderslijn helpt ook!

Ben je lid van de Woonbond? Heb je vragen? Maar zit er in jouw gemeente geen Huurteam? Bel dan gerust met de Huurderslijn!

Duizenden huurders kunnen zelf huurverlaging aanvragen

Huurders die in 2020 en 2021 minder inkomsten kregen, kunnen dit jaar huurverlaging aanvragen bij hun woningcorporatie. Deze huurders zijn bijvoorbeeld door de coronacrisis of door andere omstandigheden inkomsten kwijtgeraakt. De verlaging geldt ook voor huurders met een lager inkomen in 2019. Deze groep heeft automatisch huurverlaging gekregen van de woningcorporatie op basis van inkomensgegevens van de Belastingdienst.

In totaal komen ongeveer 260.000 huurders die een sociale huurwoning huren bij woningcorporaties in aanmerking voor deze huurverlaging. De speciale regeling voor huurverlaging geldt alleen in 2021. Om zoveel mogelijk huurders te wijzen op deze regeling, starten overheden, belangenorganisaties en corporaties gezamenlijk een informatiecampagne.

Hoe vraag je de huurverlaging aan?

Woningcorporaties geven op hun websites informatie over hoe huurders de huurverlaging kunnen aanvragen. Op rijksoverheid.nl/huurverlaging2021 kunnen huurders snel checken of ze ervoor in aanmerking komen. Dit hangt namelijk af van het gezamenlijk inkomen van de bewoners en de huurprijs:

  • Huishoudens van één of meer personen: huur kan verlaagd worden als deze boven de 633,25 euro ligt (prijspeil 2021);
  • Huishoudens van drie of meer personen: huur kan verlaagd worden als deze boven de 678,66 euro ligt (prijspeil 2021).

Het gezamenlijk inkomen moet op het moment van de aanvraag zes maanden onder de inkomensgrens liggen.

Belangrijk is dat huurders ook de gevolgen van de huurverlaging checken op hun huurtoeslag én hun nieuwe huurprijs doorgeven aan de Belastingdienst/Toeslagen. Een deel krijgt minder of juist meer toeslag, afhankelijk van de hoogte van de huur en het (gedaalde) inkomen. Ook krijgt een groep huurders voor het eerst recht op huurtoeslag, door de nieuwe huurprijs.

Betaal wonen

De speciale regeling vormt onderdeel van de maatregelen die het kabinet heeft genomen om de betaalbaarheid van wonen te vergroten, zeker voor kwetsbare groepen. De huren worden met deze maatregel in totaal met ongeveer 160 miljoen euro verlaagd. Huishoudens die in aanmerking komen voor deze regeling besparen gemiddeld €40 euro aan huurlasten. Het kabinet komt woningcorporaties tegemoet voor de huurverlaging via een verlaging van de verhuurderheffing.

Dit is een bericht van de Nieuwe Wind

Huurbevriezing, verlaging of verhoging?

26 maart 2021

Huurders weten vaak met vrij grote zekerheid dat elk jaar de huur omhoog gaat. Maar in 2021 ligt dat anders. Veel huurders krijgen huurbevriezing of huurverlaging.

Dat hangt af van je inkomen, huishoudtype en type verhuurder.

Huurverlaging

Zo kunnen huurders met een laag inkomen en hoge huur dit jaar huurverlaging krijgen. Het gaat om sommige sociale huurders bij woningcorporaties. Veel huurders die al in 2019 in de categorie voor huurverlaging zaten, krijgen dat automatisch. Maar als je door een recente inkomensdaling na 2019 in één van de groepen zit, moet je dat zelf aanvragen.

Lees alles over de eenmalige huurverlaging in 2021

Huurbevriezing

Voor alle andere sociale huurders, zowel bij woningcorporaties als bij commerciële aanbieders, geldt dat er dit jaar geen huurverhoging is. De huren zijn in 2021, na een motie van SP-Kamerlid Sandra Beckerman, bevroren dit jaar. 

Lees in dit overzichtsartikel meer over de huurbevriezing en wat je kan doen als je verhuurder de huur toch verhoogt. 

Huurverhoging

Dit jaar geldt er voor het eerst ook een maximale huurverhoging voor huurders in de vrije sector. Door een wetsvoorstel van PvdA-Kamerlid Henk Nijboer geldt hier voor het eerst een rem op de huurstijging. De huren mogen niet harder stijgen dan 2,4 procent. Staat er een lager percentage in je contract? Dan geldt dat. 

Lees meer over de huurverhoging in de vrije sector

Stappen in de goede richting

Met de huurverlaging, huurbevriezing en rem op de huurverhoging worden er stappen in de goede richting gezet om huren betaalbaar te krijgen. Door inzet van de Woonbond is betaalbaar huren hoog op de politieke agenda komen te staan. De Woonbond dringt er bij een komend kabinet op aan betaalbaar huren te verankeren in een regeerakkoord.

Hulp nodig?

Hulp nodig bij het aanvechten van een huurverhoging? Of wil je meer weten over je rechten als huurder bij hoge servicekosten of achterstallig onderhoud? Word lid van de Woonbond en neem contact op met de Huurderslijn, onze juridische ledendienst.

Wettelijke beperking huurstijgingen in vrije sector

De Eerste Kamer stemde vandaag in met het wetsvoorstel van PvdA Kamerlid Henk Nijboer om de jaarlijkse huurverhoging in de vrije sector te beperken tot maximaal 1% bovenop inflatie. Nu zijn verhuurders in deze sector vrij om zelf de verhoging te bepalen. De Woonbond vindt het een goede eerste stap dat de jaarlijkse huurverhoging nu aan banden wordt gelegd. 

Huurprijs berekenen
Getty images

‘Dit betekent dat de hoogste huurstijgingen in de vrije sector worden beperkt,’ reageert Woonbonddirecteur Zeno Winkels. Wel wijst de Woonbond er op dat een komend kabinet stappen moet zetten om ook de aanvangshuurprijzen aan banden te leggen. Die zijn in de vrije huurmarkt erg hoog. Dit voorstel zet alleen een rem op de jaarlijkse huurstijging maar gaat niet over de huurprijs die bij aanvang van de huur wordt gevraagd. 

Hoge aanvangshuren

Winkels: ‘Er worden prijzen gevraagd die compleet losgezongen zijn van de kwaliteit van een woning. Een komend kabinet moet op dat gebied echt handelen. Ook huurders in de vrije huurmarkt hebben recht op bescherming tegen woekerprijzen.’ In Nederland hebben we een puntenstelsel waarmee de kwaliteit van een woning tot een maximale huurprijs leidt. Tot woningen van 752 euro. Zo gauw een woning boven deze grens aangeboden kan worden kan een verhuurder vragen wat ie wil.  ‘Daarop moet ingegrepen worden’ .

Maximaal 2,4%

Het is de bedoeling dat de beperkte jaarlijkse huurverhoging in april al ingaat. Dat betekent dat de jaarlijkse huurverhoging in de vrije sector niet hoger mag zijn dan 2,4%. Als er in het huurcontract een lager percentage staat, dan blijft die afspraak gelden. 

Dit is een bericht van de Woonbond

Eerste kamer stemt in met drie wetten die wonen betaalbaar houden voor huurders

De Eerste Kamer heeft ingestemd met drie wetsvoorstellen die wonen betaalbaar houden voor een grote groep huurders. Hierdoor komen meer gezinnen in aanmerking voor een sociale huurwoning van een woningcorporatie. Verhuurders kunnen maatwerk toepassen en huurders financieel tegemoetkomen door een tijdelijke huurkorting. Tot slot zorgt het initiatiefwetsvoorstel van Tweede-Kamerlid Henk Nijboer (PvdA) ervoor dat de huren in de vrije sector de komende drie jaar maximaal 1% stijgen plus inflatie.

Vrije sector

Tot nu toe zat er in de vrije sector geen wettelijk maximum op de jaarlijkse verhogingen. Omdat dit maximum ontbreekt, kunnen mensen te maken krijgen met grote huurverhogingen. Dankzij de nieuwe wet wordt de jaarlijkse huurverhoging in de vrije sector de komende drie jaar gemaximeerd op inflatie plus 1%. Het gaat om huurwoningen waarbij de kale aanvangshuurprijs (dit is huurprijs op de ingangsdatum van het huurcontract) boven de toenmalige liberalisatiegrens lag. Voor huurcontracten die in 2021 ingaan, is dat het geval als de kale aanvangshuurprijs hoger is dan 752 euro per maand. Naast de beperkte huurstijging kunnen alle huurders in de vrije sector straks bij geschillen over huurverhogingen met hun verhuurder aankloppen bij de Huurcommissie. Tot nu toe kunnen alleen huurders die een sociale woning huren een beroep doen op de Huurcommissie.

Huurverhoging wegens woningverbetering mag wel hoger zijn dan inflatie plus 1%. De verhoging moet in redelijke verhouding staan tot de kosten die de verhuurder heeft gemaakt voor de nieuwe, toegevoegde voorzieningen. Bij een geschil over de hoogte van de huurverhoging na woningverbetering kan de huurder of de verhuurder aankloppen bij de Huurcommissie.

Gezinnen

De inkomensgrens voor sociale huurwoningen van woningcorporaties wordt voor meerpersoonshuishoudens vanaf 2022 voor drie jaar verhoogd (prijspeil 2021: van 40.024 euro naar 44.196 euro). Gezinnen met een laag middeninkomen voor wie het aanbod in de vrije sector onvoldoende aansluit bij hun financiële mogelijkheden, krijgen nu meer kansen om een betaalbare woning te vinden. De inkomensgrens voor eenpersoonshuishoudens blijft 40.024 euro (prijspeil 2021).

Maatwerk

Woningcorporaties krijgen vanaf 2022 meer ruimte om lokaal maatwerk toe te passen bij hun woningtoewijzing op het moment dat daar behoefte aan is. Dit maakt het mogelijk om in gemeenten waar de druk op de woningmarkt groot is, alsnog een sociale huurwoning toe te wijzen aan iemand die een inkomen heeft net boven de vastgestelde inkomensgrens. De zogenoemde lokale vrije toewijzingsruimte was standaard 10%. Dit wordt 15% als daar behoefte aan is. Indien lokaal maatwerk niet noodzakelijk is, dan wordt de vrije toewijzingsruimte 7,5%.

Tijdelijke huurkorting

Verhuurders (ook andere verhuurders dan woningcorporaties) kunnen huurders een tijdelijke huurkorting geven als deze tijdelijk met financiële problemen kampen. Een huurder kan bijvoorbeeld tijdens een lockdown minder inkomsten binnen krijgen doordat opdrachten wegvallen. In zo’n geval kan een tijdelijke huurkorting wat financiële lucht geven. Ook kan het een oplossing bieden aan huurders die voor een langere periode minder inkomen hebben. Een tijdelijke huurkorting (maximaal drie jaar) geeft de ruimte om te zoeken naar woning die beter past bij het nieuwe inkomensniveau.

Betere doorstroming

Verhuurders kunnen vanaf 1 juli 2022 de maandhuur van mensen met een hoog middeninkomen (bv een meerpersoonshuishouden met een inkomen boven de 54.478 euro; prijspeil 2021) jaarlijks met maximaal 50 euro verhogen. Mensen met een hoog inkomen, zoals eenpersoonshuishoudens met meer dan 1,5x modaal inkomen, mogen jaarlijks een huurverhoging van maximaal 100 euro per maand krijgen. Daardoor kunnen verhuurders een meer bij de woningkwaliteit passende huur vragen aan huishoudens met een hoog (midden)inkomen. Zo draagt deze groep huurders bij aan nieuwbouw van woningen of betaalbaar houden van de huren voor mensen met een laag inkomen. Ze kunnen er ook voor kiezen om door te stromen naar een woning die beter bij hun inkomen past. Zo komen er eerder woningen vrij voor huizenzoekers die nu op de wachtlijst staan.

Dit is een bericht van de Nieuwe Wind

Tweede Kamer neemt aangepaste Woningwet aan

Woningcorporaties krijgen voortaan meer mogelijkheden voor het verduurzamen van hun woningen en het verbeteren van de leefbaarheid. Ook wordt de markttoets voor drie jaar opgeschort. Daarmee wordt het voor corporaties makkelijker om huurwoningen voor het middensegment (750-1000 euro) te bouwen. Dat staat in de wijziging van de Woningwet die is aangenomen door de Tweede Kamer.

Minister Kajsa Ollongren: “Corporaties krijgen meer ruimte om mensen met een laag inkomen zo goed mogelijk te blijven huisvesten. En ze krijgen een prominentere rol in de wijk doordat ze activiteiten in buurthuizen kunnen organiseren. Bewoners komen zo meer met elkaar in contact, en dat is belangrijk om eenzaamheid onder bijvoorbeeld ouderen tegen te gaan.”

Verduurzaming

De mogelijkheden van corporaties voor verduurzaming van hun bezit worden gelijkgetrokken met die van andere vastgoedeigenaren. De oude Woningwet bood corporaties niet voldoende ruimte om die taak goed op te pakken. De aangepaste wet verduidelijkt dat het verduurzamen van hun woningen onderdeel is van de taak van corporaties. Zij kunnen voortaan op of aan hun bezit dezelfde investeringen doen als andere vastgoedeigenaren. Hiermee leveren de corporaties een belangrijke bijdrage aan de klimaatdoelen, verlaging van de energierekening, en het verbeteren van de woonkwaliteit en het woongenot van hun huurders.

Praktisch gezien wordt het plaatsen van bijvoorbeeld zonnepanelen op daken van complexen makkelijker. Dit kan door te regelen dat opgewekte energie niet via de meterkast ten goede moet komen aan huurders, maar ook aan het net mag worden geleverd om de opbrengst vervolgens met de huurders te verrekenen. Ook maken de wijzigingen het mogelijk voor corporaties om bij het verduurzamen van hun eigen bezit ook direct betrokken particuliere eigenaren te ontzorgen. Corporaties mogen daarom bij verduurzamingsprojecten bij rijtjeswoningen en gemengde complexen ook voor particuliere eigenaren de overheadkosten dragen, zoals de gemeenschappelijke vergunningaanvraag.

De Woningwet 2015 leidde er toe dat corporaties zich meer gericht hebben op hun belangrijkste opgave: het huisvesten van mensen die dit het meest nodig hebben. De wetswijziging was nodig omdat de werkzaamheden van de corporaties soms te sterk waren gereguleerd. De aangepaste Woningwet moet corporaties beter in staat te stellen hun rol op de woningmarkt goed te vervullen.

Leefbaarheid

Op het gebied van leefbaarheid vervalt het maximum op leefbaarheidsuitgaven en corporaties mogen weer activiteiten gericht op ontmoeting ondersteunen. Ook worden belemmeringen weggenomen voor investeringen in maatschappelijk vastgoed zoals een buurtcentrum of een dagbestedingsruimte voor zorgbehoevenden. Dit kan bijvoorbeeld door het vervallen van de eis van een fysieke verbinding van bepaalde zorgruimten met overig vastgoed.

Lokaal maatwerk

Bij het maken van prestatieafspraken krijgen corporaties, gemeenten en huurders meer vrijheid om het proces in te richten op een wijze die het best bij de lokale context past. Daarbij kunnen andere partijen betrokken worden, waaronder onderwijsinstellingen en zorgaanbieders. Het wordt verder mogelijk om onder voorwaarden te experimenteren, met als doel om proefondervindelijk tot betere regelgeving op wetsniveau te komen. Hierdoor kan beter ingespeeld worden op toekomstige ontwikkelingen die nu nog niet voorzien worden.

Dit is een bericht van de Nieuwe Wind

Eenmalige huurverlaging 2021

In 2021 hebben huurders van corporaties met een hoge huur en laag inkomen recht op een eenmalige huurverlaging. De Woonbond heeft er lang voor gepleit om huurders wettelijk recht te geven op huurverlaging, zodat ze niet afhankelijk zijn van de goede wil van de verhuurder.

Wanneer heb je recht op huurverlaging? Moet je het aanvragen of  gaat de huurverlaging automatisch? In deze serie vragen en antwoorden zetten we de -door de overheid bedachte- regels voor de eenmalige huurverlaging op een rijtje.

Kom ik in aanmerking voor huurverlaging?

Dat hangt af van de hoogte van je huur en je inkomen. De huurverlaging geldt voor huurders van een sociale huurwoning bij een woningcorporatie met een relatief laag inkomen en hoge huur. Bij de huurprijs gaat het om huurders met een  kale huurprijs boven de voor hen geldende aftoppingsgrens. 

Het gaat om de volgende categorieën.

Samenstelling huishoudeninkomen lager dankale huur hoger dan
1 persoon€23.725,-€633,25
1 persoon met AOW€23.650,-€633,25
2 personen€32.200,-€633,25
2 personen (minstens 1 in de AOW-leeftijd)€32.075,-€633,25
3 of meer personen€32.200,-€678,66
3 of meer personen (minstens 1 in de AOW-leeftijd) €32.075,-€678,66

De Belastingdienst kijkt naar het vastgestelde inkomen over 2019. Heb je na 2019 een inkomensdaling gehad, waardoor je al minstens zes maanden een lager inkomen hebt dan de inkomensgrens? Dan heb je ook recht op huurverlaging, maar moet je het wel zelf aanvragen bij de corporatie.

Hoeveel wordt de huur verlaagd?

Dat hangt van de huidige hoogte van de huur af. De huur wordt verlaagd tot net onder de aftoppingsgrens die geldt voor jouw type huishouden. Is je/jullie huur veel hoger dan de aftoppingsgrens? Dan krijg je dus een fikse huurverlaging. Zit je maar een paar euro boven de aftoppingsgrens? Dan gaat het om een kleine huurverlaging.

Welke huur wordt verlaagd? 

De kale huur. Dit wordt ook wel ‘netto huur’ genoemd. Om huurverlaging te kunnen krijgen moet je kale huur (netto huur) boven de aftoppingsgrens liggen. Let op: het bedrag dat je maandelijks aan je verhuurder betaalt kan hoger zijn dan je kale huur. Sommige huurders betalen ook kosten voor gas, water, licht aan hun verhuurder. Die kosten tellen niet mee. Ook de servicekosten die je kunt hebben als je in een appartement woont tellen niet mee.

Hoe weet ik wat mijn kale huur is?

Ieder jaar krijg je een brief over de huurverhoging. Daar staat in wat je kale huur (netto huur) is en wat je eventuele servicekosten zijn. Bij de huurverlaging gaat het om de kale huur.

Heeft huurverlaging invloed op de huurtoeslag?

De huurtoeslag is afhankelijk van inkomen, samenstelling huishouden en de hoogte van de huur. Het kan dus zijn dat je na de huurverlaging iets minder huurtoeslag krijgt. Omdat de huurverlaging gaat over het deel van de huur (boven de aftoppingsgrens) waar de huurtoeslag niets of slechts veertig procent van vergoed, ga je er door een huurverlaging wel altijd op vooruit. Per huishouden komt de gemiddelde nettobesparing aan huurlasten neer op € 40 per huishouden, heeft het ministerie van Binnenlandse Zaken berekend. 

Moet ik de huurverlaging zelf aanvragen?

Viel je in 2019 al in de inkomenscategorie waarmee je recht hebt op huurverlaging? Dan hoef je niets te doen. De corporatie moet je uiterlijk op 1 april 2021 een voorstel doen voor huurverlaging.

Heb je na 2019 een inkomensdaling gehad waarmee je in de categorie voor huurverlaging bent beland? Dan moet je de huurverlaging zelf aanvragen. Als je inkomen minstens zes maanden  onder de geldende inkomensgrens ligt heb je recht op huurverlaging.

Moet ik bewijs meesturen als ik de huurverlaging zelf aanvraag?

Ja. Huurders die zelf huurverlaging aanvragen moeten kunnen aantonen minstens zes maanden een inkomen te hebben onder de voor hen geldende inkomensgrens. Hierbij valt te denken aan recente salarisstroken, uitkeringsspecificaties of een verklaring van de boekhouder als je ZZP-er bent. En een verklaring over de actuele samenstelling van het huishouden. Het gaat om een verklaring die je zelf mag opstellen en ondertekenen. Dus niet om een officiële verklaring die je tegen betaling bij de gemeente moet opvragen.

Vanaf wanneer kan ik aanvragen?

Huurders met een inkomensdaling na 2019 kunnen vanaf 1 januari 2021 huurverlaging aanvragen. Huurverlaging kan het hele jaar worden aangevraagd.

Wanneer gaat de huurverlaging in?

Op de eerste dag van de 2e maand na de datum van het voorstel. Als je corporatie jou in maart een huurverlagingsvoorstel stuurt gaat de huurverlaging dus in op 1 mei. 

Bij wie moet ik aanvragen?

Bij de woningcorporatie die de woning aan je verhuurt. 

Heeft de Woonbond een voorbeeldbrief?

De Woonbond heeft een gratis modelbrief ‘Aanvragen eenmalige huurverlaging 2021‘.  Je kunt deze brief aanvullen met je gegevens en dan opsturen naar de woningcorporatie van wie je de woning huurt. 

Waarom alleen voor corporatiehuurders?

Als Woonbond hebben we erop gewezen dat huurders van particuliere huisbazen en vastgoedbeleggers ook vaak een laag inkomen en een hoge huur hebben. Zelfs nog vaker dan huurders van een woningcorporatie. Helaas koos het kabinet toch voor een regeling waar alleen huurders van woningcorporaties gebruik van kunnen maken. 

Ben ik een corporatiehuurder?

Dat ben je als je verhuurder een woningcorporatie is, en dus geen particuliere huisbaas of vastgoedbelegger. Twijfel je of je verhuurder een corporatie is? Welke woningcorporaties er in Nederland zijn kun je opzoeken in deze lijst van het ministerie. (externe link)

Wat als mijn corporatie de huur niet verlaagt?

Doet je corporatie geen voorstel tot huurverlaging, of een voorstel waar je het niet mee eens bent? Dan kun je bezwaar indienen bij de Huurcommissie. 

  • Huurders die al in 2019 een inkomen hadden dat recht gaf op huurtoeslag moeten dan binnen zes weken na 1 april 2021 een bezwaar indienen bij de Huurcommissie. 
  • Huurders die na 2019 in de inkomenscategorie zijn terechtgekomen waarmee ze recht hebben op huurverlaging, en die zelf een verzoek tot huurverlaging hebben gedaan, kunnen tot zes weken na de reactie van de corporatie een bezwaar indienen bij de Huurcommissie. Een corporatie moet binnen drie weken reageren op een verzoek tot huurverlaging.

Dit is een bericht van de Woonbond

Huren kunnen maximaal met 2,4 procent stijgen

21 december 2020

Vandaag heeft minister Ollongren de percentages voor de maximale huurverhoging gepubliceerd. Voor zowel de vrije als de sociale huursector ligt de maximale huurverhoging komend jaar op 2,4%.  Middeninkomens in een sociale huurwoning kunnen wel nog een extra hoge huurverhoging krijgen die oploopt tot maximaal 5,4%.

Eurohuisjes en stapel euromunten
IStock

Het is voor het eerst dat er een maximale jaarlijkse huurverhoging gaat gelden voor de vrije sector. De wet die dit vast gaat stellen moet nog wel worden aangenomen door het parlement, schrijft de minister in een brief aan de Tweede Kamer(externe link).

Inkomensafhankelijke huurverhoging

Huurders met een middeninkomen die wonen in een sociale huurwoning bij een woningcorporatie of bij een particuliere verhuurder kunnen een extra, inkomensafhankelijke, huurverhoging krijgen. Vanaf een bruto jaar inkomen van € 44.655,-  ligt de maximale huurverhoging op 5,4%.

Die inkomensafhankelijke huurverhoging kunnen huurders ook krijgen als ze al in een dure sociale huurwoning wonen. Er zijn huurders die al meer betalen dan de sociale huurgrens, maar toch jaar op jaar een extra hoge huurverhoging krijgen. 

Huursombeperking corporaties

Corporaties moeten bovendien de gemiddelde huurverhoging over alle sociale huurwoningen (de ‘huursom’) beperken tot inflatie. Dat betekent dat de gemiddelde huurverhoging van sociale huurwoning bij corporaties niet hoger dan 1,4% zal zijn. Tenzij er lokaal afspraken gemaakt zijn om extra te investeren in nieuwbouw. Dan kan hier maximaal één procent bovenop komen.

Huurverlaging lagere inkomens

In 2021 krijgen corporatiehuurders met een laag inkomen en hoge huur eenmalig recht op huurverlaging. Lees alles over de eenmalige huurverlaging in ons overzichtsartikel Eenmalige huurverlaging 2021. Voor commerciële huurders is dit niet geregeld. Wel heeft de Eerste Kamer minister Ollongren opgedragen te onderzoeken hoe de regering deze groep huurders wel kan helpen.

Komend kabinet moet doorpakken op betaalbaar wonen

De Woonbond is blij dat er voor het eerst een grens wordt gesteld aan de huurverhoging in de vrije sector. Tegelijkertijd moet een komend kabinet nog grote stappen zetten om de betaalbaarheid van het huren in de vrije én de sociale sector te verbeteren en de woningnood aan te pakken. In de campagne ´Weg met de wooncrisis(externe link)’ roept de Woonbond samen met DeGoedeZaak op tot  het aan banden leggen van woekerprijzen in de vrije sector en tot een grotere sociale huursector waar lagere en middeninkomens betaalbaar kunnen wonen.

Dit is een bericht van de Woonbond

Kind betaalt rekening bij huisvestingsproblemen

21 december 2020

Het ontbreken van een vast thuisadres is schadelijk voor kinderen, maar gemeenten zien dat nog te vaak over het hoofd volgens kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer. Huisvesting is volgens haar cruciaal voor een veilige en stabiele omgeving voor een kind om goed op te groeien en zich optimaal te ontwikkelen. Als gemeenten de gevolgen van het huisvestingsprobleem op het leven van kinderen niet meenemen in besluiten, breng dit kinderen extra schade toe. 

Bron: Getty Images

“Het belang van kinderen moet een vaste plek krijgen in besluiten die gemeenten nemen over de huisvesting van gezinnen. Waar nodig moeten wet- en regelgeving, beleid en uitvoering hiervoor worden aangepast.” Dit zegt Kinderombudsvrouw Margrite Kalverboer na gesprekken met kinderen over de problemen die zij ervaren bij onder andere huisuitzettingen, inschrijving in gemeenten en voorrang bij toewijzing van een nieuwe woning. De kinderen zeggen niet te worden gehoord over wat zij nodig hebben. En dat terwijl een besluit over huisvesting grote invloed heeft op hun leven.

Schadelijke onzekerheid

Kinderen zonder een vast thuis zijn onzeker over de toekomst. Zij worden vaak geconfronteerd met instabiliteit door vele verhuizingen, gestreste ouders die niet voldoende tijd en aandacht voor hen hebben, wisselingen van school en verlies van vriendschappen. Dit is schadelijk voor het welzijn en de ontwikkeling van kinderen.

Richtsnoer

Het Kinderrechtencomité dat toezicht houdt op de naleving van het Kinderrechtenverdrag geeft richtsnoeren voor het nemen van besluiten die het belang van het kind raken. Het ontwikkelingsbelang van het kind moet worden onderzocht en meegewogen. Het comité stelt dat het noodzakelijk is het kind hierover zelf te spreken. De Kinderombudsman heeft een handreiking gemaakt die gemeenten en Rijksoverheid kan helpen bij dergelijke besluiten over kinderen met huisvestingsproblemen.

“In deze complexe situatie waarin huizen schaars zijn en gemeenten met veel problemen worstelen, realiseer ik mij dat het belang van het kind niet altijd voorrang kan krijgen op alle andere belangen. Dit neemt niet weg dat gemeenten en ook de Rijksoverheid de impact die een besluit heeft op het kind  moeten onderzoeken en meewegen. Kinderen krijgen zo de kans zo goed mogelijk op te groeien. Ondanks hun huisvestingsproblemen”, schrijft Kalverboer op de website van de Kinderombudsman(externe link).

Armoede

Armoede is een belangrijke oorzaak voor huisvestingsproblemen. De Kinderombudsman heeft in 2017 onderzoek gedaan naar kinderen in armoede. Eén conclusie was dat armoede gevolgen heeft op veel terreinen die voor kinderen belangrijk zijn, waaronder huisvesting. Gemeenten en Rijksoverheid kregen de aanbeveling om integraal armoedebeleid te ontwikkelen met oog voor huisvesting. Deze aanbeveling geldt onverkort. Kalverboer roept gemeenten en Rijksoverheid op om intensief samen te werken voor het beste resultaat voor het kind.

Kinderombudsman

De Kinderombudsman(externe link) zorgt dat kinderrechten in Nederland worden nageleefd. Niet alleen door de overheid, maar ook door organisaties in het onderwijs, kinderopvang en zorg. Met voorlichting, onderzoeken en advies, wil de Kinderombudsman de positie van kinderen en jongeren in Nederland verbeteren.

Dit is een bericht van de Woonbond