Flexwoningbouw verloopt moeizaam

28 april 2022

Minister Hugo de Jonge wil een verdrievoudiging van de bouw van flexwoningen de komende jaren. Maar die bouw komt maar moeilijk van de grond.

Tiny house Getty images

Nieuwsuur besteedde aandacht aan dit onderwerp in de uitzending van 26 april. Gemeenten lopen onder andere aan tegen weerstand vanuit bewoners. Bewoners kennen de doelgroep van flexwoningen niet, zegt de wethouder wonen van de gemeente Putten.

Tiny house

Liezelotte Nagtegaal die bijna twee jaar met haar man en twee kinderen in een tiny house woont op een locatie bij Zeist, moet per 1 juli het terrein verlaten. Het terrein wordt ingericht met een asielzoekerscentrum. ‘Tijdelijke bewoners moeten plaatsmaken voor tijdelijke bewoners’, constateert Nieuwsuur.

‘Het lijkt een soort van stoelendans’, zegt ook Liezelotte Nagtegaal. ‘In het beperkte aantal beschikbare plekken, moeten heel veel groepen een huis krijgen. En dat draait allemaal om elkaar heen en degene die misgrijpt die heeft geen woonplek.’

Flex ten koste van permanent

Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) dat onderzoek doet naar flexwoningen ziet dat flex ten koste kan gaan van permanente woningbouw. ‘Qua locatie gaan tijdelijke woningen niet ten koste van permanente, want die staan op andere locaties’, zegt Marieke van der Staak, onderzoeker van het PBL.‘Maar we zien wel dat het realiseren van flexwoningen vraagt om middelen, infrastructuur en installaties. Een ambtenaar die nu bezig is met flex kan niet bezig zijn met permanente woningen.’

Van 5.000 naar 15.000 per jaar

Desalnietemin wil minister De Jonge de huidige realisatie van 5.000 flexwoningen per jaar opschroeven naar 15.000. Desnoods dwingend: als gemeenten geen locaties voorstellen, gaat de minister ze zelf aanwijzen. De minister wil voor het einde van dit jaar van gemeenten weten waar en hoeveel flexwoningen zij neer gaan zetten. Het PBL vraagt zich af of 15.000 per jaar wel haalbaar is, gezien de tekorten aan arbeidskrachten en bouwmaterialen.

De Woonbond is kritisch op de grote inzet op flexwoningen. Omdat de inzet op flexwoningen ten koste kan gaan van de inzet op vaste woningen die hard nodig zijn, Daarnaast zijn flexwoningen vaak van minder kwaliteit maar hebben ze wel een hogere huurpijs omdat de investeringen over een kortere termijn terug moeten worden verdiend.

Bekijk de uitzending van Nieuwsuur op 26 april

Noordwijk krijgt er 425 woningen bij

18 januari 2022

De Noordwijkse nieuwbouwwijk Offem Zuid wordt uitgebreid met nog eens 425 woningen. Woonstichting Stek neemt er daarvan zo’n 125 voor haar rekening. Samen met Ed Heijstee namens ontwikkelaar Campri en wethouder Theo Alkemade van Noordwijk onthulde bestuurder Hans Al van Stek maandagmiddag het bouwbord voor ‘Buitengewoon Offem’, zoals dit deel van Offem Zuid wordt genoemd.

Bij de ongeveer 125 sociale huurwoningen van Stek gaat het om een combinatie van appartementen en eengezinswoningen. Het bouwrijp maken van de grond wordt dit voorjaar afgerond en de bouw van de eerste woningen begint rond de zomer. Binnen vier jaar moet de laatste woning in Buitengewoon Offem worden opgeleverd.

Bouwstroom op gang houden

Bestuurder Al van Stek vindt het van belang dat de bouwstroom in Noordwijk, net als elders in de Bollenstreek, op gang blijft. “De behoefte aan sociale huurwoningen is groot. Waar het kan, willen we als Stek graag bijdragen aan de verruiming van het aanbod. Als dat lukt op zo’n mooie plek, in een aansprekende nieuwe wijk en met deze kwaliteit, is dat iets om blij van te worden. De woningen die wij hier gaan bouwen zijn aantrekkelijk voor een brede doelgroep.”

Veel belangstelling, fijne samenwerking

Ook ontwikkelmanager Heijstee is verheugd over de samenwerking: “Stek is een grote en ervaren corporatie in de Bollenstreek. Hun wensen sluiten goed aan bij onze visie voor Buitengewoon Offem als nieuwe inclusieve wijk waar jong en oud, alleenstaanden, stellen en gezinnen, zich thuis voelen.”

Over enkele jaren is Offem een plek waar in totaal 1.500 nieuwe bewoners een levendige, groene en vitale wijk vormen. Het aanbod is gevarieerd: van ruime eengezinswoningen en luxe villa’s tot comfortabele appartementen in de vrije-, middeldure en sociale sector.

Gastenhuis mooie toevoeging

Wethouder Theo Alkemade vindt de bouw van het Gastenhuis een mooie toevoeging op het woonaanbod in de wijk: “Er is straks plek voor 20 dementerende ouderen in het Gastenhuis. Bijzonder is dat het Gastenhuis wordt geleid door een (echt)paar met een zorgachtergrond. Zij wonen naast het huis en dus midden in de wijk. Dit zorgt voor vertrouwde gezichten, een persoonlijke sfeer en verbinding met de buurt. Wonen in een Gastenhuis is daarnaast betaalbaar voor mensen met een gemiddeld (pensioen)inkomen.”

Over Buitengewoon Offem

De nieuwbouwwijk Offem Zuid ligt in het verlengde van de charmante Voorstraat in het centrum van Noordwijk. De nieuwbouw is dan ook geïnspireerd op de authentieke bebouwing aan de Voorstraat, het Lindenplein en Landhuis Klein Offem in Noordwijk Binnen. Ook het groen van het naastgelegen Landgoed Offem komt terug. Dit wordt aangevuld/versterkt door de aanleg van een ecologische verbindingszone direct langs de N206. De karakteristieke architectuur van de buurt wordt de nieuwbouwwijken ingetrokken. Je vindt hier sfeervolle hofjes, leilindes in de straat en veel groen om te spelen.

Wie de ontwikkelingen in Buitengewoon Offem op de voet wil volgen, kan zich inschrijven voor de nieuwsbrief via deze website.

Dit is een bericht van Stek-Wonen

Sociale huurwoningen gaan om meer dan de huurprijs

Persbericht · 8 december 2021

Gemeenten geven vaker private partijen opdracht om goedkope huurwoningen te bouwen die voorheen de corporaties voor hun rekening namen. Aedes maakt zich zorgen dat het aantal echte sociale huurwoningen daardoor langzaam maar zeker afneemt. Aedesvoorzitter Martin van Rijn: ‘Sociale huur draait om meer dan de huurprijs. We hebben niet voor niks regels om te zorgen dat iedereen aan de beurt komt, óók mensen met lage inkomens en urgenten. We hebben een nieuwe definitie van sociale huisvesting nodig.’

Aedes heeft geen principiële bezwaren dat ook andere partijen huurwoningen in het gereguleerde segment (tot 752 euro per maand) bouwen. Martin van Rijn: ‘Dat was altijd al zo en de woningnood is nu erg hoog.’ Maar commerciële verhuurders zijn niet gebonden aan de regels voor toewijzing van sociale huurwoningen, waar woningcorporaties wel mee werken. Deze verhuurders stellen vaak juist eisen aan het minimum-inkomen van huurders. En vaak schuiven deze woningen na 10 of 15 jaren door naar de vrije huur sector, waar de verhuurder meer rendement kan maken.

Van Rijn: ‘Een logische afweging voor een commercieel verhuurder. Maar we hebben het over appels en peren en daarom noemen we het ook wel nep sociale huur. De schoen wringt namelijk als deze woningen de echte sociale huurwoningen verdringen. Dan komt de doelgroep waarvoor we juist sociale huisvesting hebben steeds minder aan de bak, terwijl in het rapport van de commissie Ter Haar er op wordt gewezen dat voor de verschillende doelgroepen eigenlijk overal 30% sociale huurwoningen moeten worden gerealiseerd. Ook de aandacht die corporaties hebben voor hun bewoners en de leefbaarheid in wijken en buurten wordt zo moeilijker.’

Woningbouw 2017 – 2020

Aedes heeft het Kadaster gevraagd te onderzoeken wat voor woningen er van 2017 tot 2020 zijn gebouwd. Daaruit is niet precies op te maken hoe de verhouding tussen commerciële partijen en corporaties zich ontwikkelt. De cijfers laten wel zien dat er van de 262.000 nieuwe woningen slechts 42.000 (16 %) een corporatiewoning is.

Dat is veel minder dan de gangbare gemeentelijke normen voor het aandeel sociale woningen in nieuwbouw. Dat is in grote gemeenten vaak 30 tot 40%. Als de gemeente zo’n ambitie wil realiseren, zou een groot deel van de overige huurwoningen binnen het sociale segment moeten vallen. Dat is echter niet te controleren. Ook is niet bekend aan welke doelgroepen de woningen worden aangeboden. De cijfers van het Kadaster geven ook sterke indicaties dat er in een aantal gemeenten rondom de grotere steden de afgelopen jaren nauwelijks of geen huurwoningen in het gereguleerde segment zijn gebouwd.Rapport: Van wie is de nieuwbouw?

Corporaties vissen achter het net

Martin van Rijn maakt zich grote zorgen over deze cijfers: ‘Het strookt met geluiden van corporatiebestuurders dat ze steeds vaker achter het net vissen bij de bouw van sociale huurwoningen. Ik vraag me af of gemeenten zich deze consequenties realiseren als ze grond uitgeven voor nieuwbouw. Sociale huur draait niet alleen om de huurprijs: woningcorporaties bieden betaalbare huurwoningen voor de langere termijn. Maar ze zorgen dat er ook plek is voor inwoners die urgent een betaalbare woning nodig hebben. En ze werken met de gemeente aan leefbare wijken.’

Nieuwe definitie sociale huur

Aedes wil samen met de partners van de ActieagendaWonen een scherpere definitie van wat we onder een echte sociale huurwoning verstaan. Daarnaast gaan we met elkaar ook betere spelregels ontwikkelen om gedifferentieerde bouwprogramma’s mogelijk te maken die leiden tot gemengde inclusieve wijken, te beginnen met het aandeel van 25% sociale huur. De financiële randvoorwaarden worden hierbij ook vastgesteld. 
Van Rijn: ‘Wat heb je aan een afspraak over een minimumaandeel sociale huur, als je niet scherp hebt wat je daaronder verstaat?’ Zo wil Van Rijn opkomen voor de doelgroep van woningcorporaties: ‘Er is voorlopig voor iedereen genoeg te doen. Dus we kunnen afspraken maken over ieders aandeel in de woningbouw, zoals we in de landelijke Actieagenda Wonen hebben vastgelegd.’

Dit is een bericht afkomstig van AEDES

Motie stelt voorwaarden aan Volkshuisvestingsfonds

Door een motie van de Tweede Kamer zal de 412 miljoen euro van het Volkshuisvestingsfonds onder twee voorwaarden verstrekt moeten worden: Zeggenschap voor bewoners moet goed geregeld zijn en bewoners moeten recht op terugkeer hebben.

Leefbaarheid in kwetsbare wijken

Het Rijk investeert met het Volkshuisvestingsfonds 412 miljoen euro om bijna 22.000 woningen verspreid over Nederland te helpen renoveren, transformeren of slopen en (deels) nieuwbouwen. Door een aangenomen motie in de Tweede Kamer zal dit geld onder twee voorwaarden verstrekt moeten worden: dat zeggenschap voor bewoners goed geregeld is en dat bewoners recht op terugkeer hebben.

Motie voor het zomerreces

Vlak voor het zomerreces nam de Tweede Kamer deze motie aan tijdens de vergadering over de woningbouwopgave. Voortaan moeten bij financiële steun van het Rijk aan herstructureringsprojecten, zoals uit het Volkshuisvestingsfonds, maar ook bij de korting op de verhuurderheffing (Regeling Vermindering Verhuurderheffing), zeggenschap en recht op terugkeer voor bewoners goed geregeld zijn.

De Woonbond is blij met de voorwaarden die door de Kamer zijn gesteld en gaat ervan uit dat de breed gedragen motie, die raakt aan de woonzekerheid en de rechten van zittende bewoners, door de minister in de praktijk gebracht gaat worden. 

VN-Communiqué uit zorgen over woonbeleid Rotterdam

Deze motie, ingediend door de SP samen met Denk, GroenLinks en de PvdA, was naar aanleiding van een Officiële mededeling van de Verenigde Naties aan het adres van Rotterdam. In dit zogeheten Communiqué van 18 juni uitten vijf Speciale Rapporteurs, waaronder die voor het recht op huisvesting, hun zorgen over het Rotterdamse woonbeleid. Zij noemden met name de financiële prikkels voor Vestia, in de vorm van korting op de verhuurderheffing, die hebben geleid tot haastige besluitvorming over de sloop van de Tweebosbuurt in Rotterdam-Zuid.

Korting van 27 miljoen op verhuurderheffing

Het ging voor Vestia om een korting van 27 miljoen euro op de verhuurderheffing. Omdat de ‘uitvoeringstermijn’ van de kortingsregeling bijna afliep, besloten het Rotterdamse College van B&W en Vestia in heel korte tijd tot de sloop van de Tweebosbuurt. Er was geen mogelijkheid tot zeggenschap en bewoners kregen geen recht op terugkeer.

Toekenningen Volkshuisvestingsfonds bekendgemaakt

Half juli maakte het Rijk bekend welke wijken een eenmalige bijdrage krijgen uit het Volkshuisvestingsfonds. Bij de toekenning van de middelen aan gemeenten gaf het rijk prioriteit aan de zestien stedelijke vernieuwingsgebieden en de dertien grens- en krimpregio’s waar leefbaarheid onder druk staat. De burgemeesters van deze gebieden deden meermaals een oproep aan het rijk om bij te springen bij de opgaven in deze kwetsbare gebieden. Het Volkshuisvestingsfonds richt zich primair op het verbeteren van het slechtste deel van de particuliere voorraad. Want meer dan de helft van de woningvoorraad in de gebieden die centraal staan, is in handen van particulieren.

Tachtig procent gaat naar particuliere eigenaren

Tussen 3 mei 2021 tot 19 mei konden gemeenten een aanvraag indienen voor een bijdrage uit het Volkshuisvestingsfonds. Dat werd ruim twee keer overtekend. De 412 miljoen is verspreid over 33 deelplannen in 29 gemeenten. De grootste bedragen gingen naar Zaanstad, Amsterdam, Rotterdam, Lelystad en Parkstad Limburg. Met het geld worden ruim 20.000 woningen gerenoveerd en 1.200 gesloopt voor 2.000 nieuwbouw. 80 Procent van de subsidie gaat naar particuliere eigenaren en 20 procent naar woningcorporaties.

Dit is een Woonbond bericht